Schraard is van oorsprong een terpdorp, dat ontstaan is op de zuidelijke oeverwal van de voormalige Marneslenk. Vermoedelijk dateert de terp uit het begin van onze jaarteling. In bronnen uit 1270 komen we het dorp voor het eerst tegen onder de naam Scadawerth. Vanaf welke tijd sprake is geweest van permanente bewoning is onzeker. In tijden van hoge waterstanden waren de bewoners van de terp mogelijk genoodzaakt de nederzetting te verlaten. In latere rustiger perioden zou herbewoning hebben kunnen plaatsvinden.
Aanvankelijk waren akkerbouw en visserij de belangrijkste middelen van bestaan.
In de strijd tegen het water van de Marne en de Middelzee werden er dijken aangelegd, die rond 1200 na Christus voltooid waren.
In de Middeleeuwen was Schraard een geliefd bedevaartsoord vanwege het hostiewonder.
De huidige kerk, opgetrokken uit gele kloostermoppen, dateert uit de tweede helft van de dertiende eeuw, hoewel deze later is afgebrand en herbouwd. Van het interieur is met name het houtsnijwerk van tien kerkbanken uit 1565 het vermelden waard. De kerk staat aan de zuidwestelijke rand van de terp, zodat centraal een grote open ruimte overbleef.
De geconcentreerde buurtjes en open kampjes zorgen voor mooie doorkijkjes. De uiterst bescheiden Gereformeerde Kerk kan eveneens beeldbepalend genoemd worden. Tegenwoordig is zij in gebruik als woonhuis. Op een enkele plaats in het dorp komen we nog een voormalige hooischuur tegen. In 1988 werd Schraard dan ook beschermd dorpsgezicht.