De Wet waardering onroerende zaken
U vindt hier uitgebreide informatie met betrekking tot de Wet waardering onroerende zaken, kortweg de Wet WOZ. Op onderstaande hoofdstukken kunt u klikken om naar de inhoud van het betreffende hoofdstuk te gaan.
2. Bekendmaking van de vastgestelde waarde
4. Waardering woningen in aanbouw
6. Vrijstellingen op grond van de Wet WOZ en de Gemeentewet
8. Openbaarheid waardegegevens
9. Toezicht bij de uitvoering van de Wet WOZ
Via het WOZ portaal krijgt u informatie over de WOZ en de waarde van uw woning.
De waardevaststelling voor 2010
De WOZ-waarde op het aanslagbiljet gemeentelijke belastingen 2010 is de waarde van uw onroerende zaak zoals die is vastgesteld per waardepeildatum 1 januari 2009. Dat is een gevolg van de Wet WOZ die voorschrijft dat gemeenten op de WOZ-beschikking een waarde vermelden zoals die gold op 1 januari van één jaar eerder. Als uitgangspunt voor de waardebepaling geldt dan ook de fysieke situatie van uw object op 1 januari 2009. Als echter in de periode tussen 1 januari 2009 en 1 januari 2010 de toestand van uw onroerende zaak is gewijzigd (bijvoorbeeld door sloop, bouw of verbouw), dan moet de gemeente daar rekening mee houden. In dat geval is de waarde vastgesteld naar de staat van de onroerende zaak op 1 januari 2010 (toestandsdatum), met als waardepeildatum 1 januari 2009. Eind februari ontvangt u het aanslagbiljet gemeentelijke belastingen 2010. Als u eigenaar bent van een woning dan vermeldt het aanslagbiljet ook de vastgestelde waarde van uw woning. Deze taxatiewaarde is een indicatie van wat uw woning bij verkoop op de waardepeildatum 1 januari 2009 opgebracht zou hebben. Deze waarde noemen we de waarde in het economisch verkeer.
Marktontwikkeling
Er verschijnen in de media regelmatig berichten over de economische crisis en de waardedaling van woningen. Dit heeft in 2010 echter niet altijd een lagere WOZ-waarde van uw object tot gevolg, omdat de WOZ-waarde wordt bepaald op de marktwaarde van 1 januari 2009. Tussen 1 januari 2008 en 1 januari 2009 was zelfs nog sprake van een gemiddelde landelijke stijging van 0,5% tot 1% (bron: prijsindex bestaande koopwoningen van Kadaster en CBS). In de eerste helft van 2008 was nog sprake van een prijsstijging. Die stijging wordt niet geheel ongedaan gemaakt door de daling in de tweede helft van 2008. Gevolg is dat de WOZ-waarde per peildatum 1 januari 2009 gemiddeld net iets hoger is dan per 1 januari 2008. Natuurlijk gaat het hier slechts om een landelijk gemiddelde. Ook de marktontwikkeling in de gemeente Wûnseradiel laat eenzelfde tendens zien. De eerste helft van 2008 laat nog een kleine stijging zien, vanaf de tweede helft is er een lichte daling. Het kan zijn dat in sommige regio's en voor sommige categorieën woningen in het jaar 2009 een (verdergaande) prijsdaling is opgetreden. Hierdoor kan het voorkomen, dat de huidige WOZ-waarde naar de waardepeildatum 1 januari 2009 hoger is dan de actuele marktwaarde. Deze prijsdaling wordt dan pas zichtbaar in de waarde die voor 2011 worden vastgesteld.
Opvragen taxatieverslag
De juistheid van de taxatiewaarde kunt u controleren door gratis het taxatieverslag op te vragen via de website van de gemeente (www.wunseradiel.nl). Dat kan vanaf 27 februari 2010. U moet dan op de gemeentelijke website inloggen op het WOZ-portaal. Om op het portaal in te kunnen loggen heeft u een DigiD code nodig. DigiD is uw digitale identiteitskaart waarmee de overheid kan vaststellen dat u ook daadwerkelijk bent wie u zegt te zijn. Met die code kunnen we op een veilige manier vertrouwelijke informatie via internet aan u beschikbaar stellen. Uiteraard kunt u, indien dit niet lukt, telefonisch of schriftelijk om een taxatieverslag verzoeken. Het verslag wordt u dan zo spoedig mogelijk toegezonden.
Nauwkeurigheid van taxaties
De WOZ-waarde is net als iedere taxatie een inschatting van de marktwaarde op een waardepeildatum. Deze taxatie is nooit op de euro nauwkeurig. De Wet WOZ verwijst ook expliciet naar deze nauwkeurigheid. In artikel 26a van de Wet WOZ zijn drempels opgenomen waarbinnen een waarde geacht wordt correct te zijn. De drempels zijn als volgt opgesteld: Bij een WOZ-waarde tot € 200.000 mag de WOZ-waarde 5% afwijken; Bij een WOZ-waarde van € 200.001 tot € 500.000 mag de WOZ-waarde 4% (met een minimum van € 10.000) afwijken; Bij een WOZ-waarde van € 501.000 tot € 1.000.000 mag de WOZ-waarde 3% (met een minimum van € 20.000) afwijken; Bij een WOZ-waarde van € 1.000.001 tot € 5.000.000 mag de WOZ-waarde 2% (met een minimum van € 30.000) afwijken; Bij een WOZ-waarde van € 5.000.001 of meer mag de WOZ-waarde € 100.000 afwijken. Het gevolg van deze drempels is dat een eventueel bezwaarschrift tegen de WOZ-waarde pas gevolgen voor de waarde heeft, indien de verlaging de geldende drempel overschrijdt. Kleine aanpassingen in bijvoorbeeld geregistreerde objectkenmerken hebben dus in het algemeen geen invloed op de WOZ-waarde.
De onroerende-zaakbelastingen (OZB) worden met ingang van 2009 op een andere manier berekend.
Tot 2009 werd gewerkt met eenheden van € 2.500 van de waarde, waarbij de taxatiewaarde van een onroerende zaak werd gedeeld door € 2.500 en vermenigvuldigd met het OZB-tarief per eenheid.
Met ingang van 2009 wordt de hoogte van de aanslag OZB berekend door een percentage te nemen van de taxatiewaarde. Stel uw woning is getaxeerd op € 230.000.
Deze waarde vermenigvuldigt u dan met het percentage van de OZB voor woningen van 0,07731%.
Het bedrag wat u aan OZB betaald is dan € 177,81, afgerond € 177.